“Brussels is a nightmare”: Belgische steden ‘in verval’ gaan viraal op YouTube

YouTube-video's die Brussel en andere Europese steden als gevaarlijk of vervallen voorstellen, bereiken miljoenen kijkers. Experts waarschuwen dat deze video's vaak een vertekend beeld schetsen en bijdragen aan de normalisering van extreemrechtse ideeën.
Lees verder >>

Deel dit bericht

Het is maar om te lachen: de macht van humor in het publieke debat

Van luchtige grap tot ideologisch wapen: humor en memes spelen een steeds grotere rol in hoe we naar de wereld kijken. Als Trump op zijn website petjes verkoopt met het opschrift ‘Trump 2028’ – het jaar waarin opnieuw verkiezingen plaatsvinden – is dat dan een grappige gimmick? Of moeten we dat net heel serieus nemen en als een bedreiging voor de democratie zien? 

Over deze en meer ‘zogezegde’ grappen in het politieke spel gaat de podcast Het is maar om te lachen van deBuren en het Hannah Arendt Instituut. Humoronderzoeker Anke Lion, filosoof Beer Prakken, professor digitale media Ike Picone en cartoonist Lectrr gaan het gesprek aan, met journalist Annelies Bontjes als moderator. Samen ontleden ze de kracht van memes, hebben ze het over hun rol in activisme en journalistiek, en bevragen ze de normerende kracht van grappen in de politieke arena. Wanneer is het gewoon om te lachen – en wanneer niet meer? 

De ambivalente cultuur van het internet speelt humor in de hand. Volgens professor digitale media Ike Picone is het internet een plek waar minder gevolgen hangen aan uitspraken of stellingen. Het is daarom een voordehandliggende ruimte om de grenzen van humor te gaan opzoeken. “Maar”, zo bemerkt filosoof Beer Prakken die onderzoekt hoe humor politieke aanhang mobiliseert, “naast ambivalentie gaat het ook over transgressie en normoverschrijding. Humor werkt goed wanneer je weet waar het taboe ligt. De afstand van de spreker tot het subject van de grap wordt steeds groter. Op een bepaald moment echter is het geen grap meer en blijft alleen de vorm ironisch.”

Lachen als politieke strategie

Ook in de publieke ruimte speelt humor een steeds prominentere rol. Zowel in linkse als rechtse kringen berusten politici vaker op humor om te appelleren aan een breed publiek. Humor zal misschien niet rechtstreeks in een verkiezingsprogramma staan, maar men gebruikt het wel om mensen voor zich te winnen, zonder daarvoor een inhoudelijke boodschap te moeten brengen.

Humor wordt zo een strategisch instrument om verantwoording af te schuiven, waarschuwt Lectrr. Hij ziet dat zijn collega-cartoonisten in landen als de VS steeds meer repressie en censuur ervaren. “Men gebruikt er het groteske om het narratief weg te leiden van wat er achter de schermen gebeurt. Grote legislatieve beslissingen en zaken waardoor de democratie echt onder druk staat, verdwijnen achter het circus van Trump.”

Humor, en memes in het bijzonder, worden vaak gedeeld onder gelijkgezinden. Het kan polarisering daarom versterken. Links- of rechtsgezinde media in de VS lachen bijna uitsluitend voor eigen publiek. Ieder bouwt zijn eigen media en creëert zo ook zijn eigen versie van de realiteit. Volgens Lectrr is het problematisch als kritische of komische bevraging enkel over de ander gaat, maar nooit over jezelf. Hij ziet het als zijn taak om de macht te blijven bevragen. 

De cartoonist is eigenlijk een hofnar, de enige die vroeger de waarheid kon zeggen aan de koning zonder onthoofd te worden. Ik krijg de unieke kans om te lachen met de macht en een schop onder de kont te geven aan zij die verantwoordelijk zijn. Ik zal dus nooit omlaag schoppen en lachen met slachtoffers.

Lectrr, cartoonist

Mag je met alles lachen?

Van de populaire kat van de premier en het springen op internet trends tot het zwaaien met een kettingzaag of bepaalde individuen of gemeenschappen uit de eigen bevolking uitlachen en beschimpen. Wat is er grappig en wanneer gaat het te ver? In een gangbaar democratisch debat verwachten we van politici degelijkheid en respect. Dat zij steeds vaker vervallen in laatdunkende humor, helpt de geloofwaardigheid van politici – en het algemeen cynisme over de politiek dat heerst bij de bevolking – niet vooruit.

Humor wordt een strijdtoneel over morele kwesties, over wat we als samenleving aanvaardbaar vinden.

Anke Lion, communicatiewetenschapper

Anke Lion is communicatiewetenschapper en doet onderzoek naar humor, macht en identiteit. Ze ziet in haar onderzoek een belangrijke verantwoordelijkheid weggelegd voor media, die soms sensatiebeluste koppen de wereld insturen over humor controverses en zo inspelen op emotionele reacties van lezers. Dit voedt het idee dat we met niets meer mogen lachen en dat ‘woke’ het dominante frame is.

Als we kijken naar de invloed van memes, bestaat er ook het risico dat het publieke debat verstomt, eerder dan dat het verrijkt. De korte nieuwscycles, ‘informatiediarree’ en AI-slob die we als mediaconsument voortdurend voorgeschoteld krijgen, helpen niet.

Wat is dan de manier om om te gaan met humor die gekaapt wordt voor ideologische agenda’s?
De sprekers zijn het er over eens: mediawijsheid. Ike Picone schrijft een gebalanceerd nieuwsdieet voor. Hanteer verschillende bronnen om aan nieuws te geraken – zowel lichtere bronnen en bronnen die getuigen op straat als bronnen die vanuit een heel journalistieke insteek naar de actualiteit kijken.

Toch mogen we humor niet afschrijven, vindt Lectrr. Humor kan polarisatie evengoed counteren. Het is van alle tijden om de wereld door een gevatte, ironische of kritische manier te bekijken aan de hand van humor. In het beste geval kan humor humaniserend werken en vinden we common ground als we blijven lachen.


Waar liggen de grenzen van humor? En wat zijn de antwoorden op humor die steeds meer gekaapt wordt voor politieke agenda’s? In de podcast Het is maar om te lachen bevragen we de rol van humor in het publieke debat. Deze aflevering is een opname van het gelijknamige evenement van het Hannah Arendt Instituut en deBuren op 29 november 2025.