Rapport: wat zegt de wetenschap over buddywerkingen en integratie?

Het huidige inburgeringstraject in Vlaanderen bestaat uit drie pijlers: lessen Nederlands, trajectbegeleiding en maatschappelijke oriëntatie. Het nieuwe inburgeringsdecreet voegt hier een vierde pijler aan toe: het versterken van het sociaal netwerk van de inburgeraar en het verhogen van zijn participatie aan de ontvangende samenleving. Het Hannah Arendt Instituut maakte zopas een literatuurstudie/rapport over de wetenschappelijke inzichten die bestaan over de manier waarop sociale netwerken en buddywerkingen kunnen helpen om de integratie van nieuwkomers te vergemakkelijken.

Onderzoeker Gaëlle Mortier licht de bevindingen van het literatuuronderzoek toe.

Vijf interessante vaststellingen uit het rapport: 

1.

Inburgeraars hebben dikwijls weinig sociale contacten met Belgen die hier al langer wonen. Het is nochtans duidelijk dat sociale netwerken nieuwkomers helpen om sneller te integreren. We stellen vast dat buddywerkingen hier een belangrijke rol in kunnen spelen. Een buddy koppelen aan een nieuwkomer, brengt mensen met verschillende achtergronden samen en zorgt voor nieuwe ontmoetingen. De buddy maakt de nieuwkomer wegwijs in de nieuwe omgeving. Op die manier kan het contact met een buddy ook goed zijn voor het mentaal welzijn van de inburgeraar.

2.

Het werken met buddies wordt steeds populairder. Vaker en vaker worden nieuwkomers ondersteund in én door de samenleving. Dat gebeurt meestal niet door betaalde professionals, maar door vrijwilligers. Het feit dat de buddy zich vrijwillig engageert, blijkt een belangrijke meerwaarde voor de nieuwkomer. Een vrijwillige buddy zorgt voor een persoonlijker aanpak en kan kennis doorgeven die niet in cursussen aan bod komt.

3.

Buddyprojecten zijn niet automatisch een succes.  Verschillende factoren bepalen of het contact tussen buddy en nieuwkomer goed verloopt. Het is aan de overheid of aan de professionele organisaties om ervoor te zorgen dat die succesfactoren zoveel mogelijk aanwezig zijn. Op basis van eerder onderzoek kunnen we verschillende elementen onderscheiden die een buddyproject tot een succesvol parcours maken. Zo moet de buddy een open houding hebben ten aanzien van diversiteit en moet een buddyrelatie gebouwd zijn op wederkerigheid.

4.

We kunnen een buddyrelatie eigenlijk zien als een driehoeksverhouding tussen nieuwkomers, professionals en vrijwilligers. Dus niet alleen de relatie tussen nieuwkomer en buddy moet goed zitten, maar ook die tussen professional en buddy. Die twee moeten elkaar natuurlijk aanvullen, maar in de praktijk blijken die taakverdeling en rolomschrijving toch niet zo evident. Zo krijgen de vrijwillige buddy’s soms vragen van nieuwkomers over huisvesting of een job, die eigenlijk voor professionals bedoeld zijn.

5.

Een professionele begeleiding van een buddyrelatie is dus essentieel. Buddyprogramma’s die veel aandacht besteden aan de matching en training van duo’s, hebben een grotere kans op slagen. De professional zoekt best regelmatig contact met het duo. Zo worden misverstanden vermeden en groeien uitdagingen niet uit tot onoverkomelijke problemen die tot uitval van de vrijwilliger kunnen leiden. Momenten en activiteiten waar duo’s elkaar kunnen ontmoeten en ervaringen kunnen uitwisselen, spelen daarbij ook een belangrijke rol.

Meer lezen

Hier vind je het volledige rapport. Heb je zelf interessante informatie te delen over deze materie? Twijfel niet om ons te contacteren.

Rapport_Sociale netwerken en participatietrajecten_HAI_2021

Delen
Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin

Prater, denker of doener?

Schrijf in op onze nieuwsbrief. Wij mikken op debat, wetenschap en actie.